L.P.F. SMITS  - De behandeling van indirecte aandelenbelangen in de Nederlandse bedrijfsopvolgingsregeling. - Circulaire

De behandeling van indirecte aandelenbelangen in de Nederlandse bedrijfsopvolgingsregeling.

In dit onderzoek wordt onderzocht hoe de behandeling van indirecte aandelenbelangen in de Nederlandse bedrijfsopvolgingsregeling zich verhoudt tot doel en strekking van de regeling. Gezien het veelvuldig gebruik van holdingstructuren is een beoordeling van indirecte aandelenbelangen een essentieel onderdeel van een bedrijfsopvolging. De huidige wet- en regelgeving omtrent de bedrijfsopvolgingsregeling met betrekking tot indirecte aandelenbelangen wordt uiteengezet en bekritiseerd in het licht van de ratio van de faciliteit. Er zal blijken dat er kritiek mogelijk is op het kwalificerend indirect aandelenbelang, het bezitsvereiste en het voortzettingsvereiste ten aanzien van de indirecte aandelenbelangen. Voor de gesignaleerde knelpunten binnen het systeem van de bedrijfsopvolgingsregeling worden vervolgens oplossingen gezocht en aanbevelingen geformuleerd. Voor mogelijke oplossingen wordt bezien hoe het Vlaamse gewest in België de behandeling van indirecte aandelenbelangen heeft vormgegeven binnen de gunstmaatregel. Ten slotte zal het vakgebied van de fiscaliteit worden verlaten om een blik te werpen op het jaarrekeningenrecht. Interessant is immers hoe binnen het jaarrekeningenrecht aandelenbelangen in een dochtervennootschap worden beoordeeld. De vraag wordt vervolgens gesteld of partieel aansluiten bij het jaarrekeningenrecht een verbetering van ons stelsel van bedrijfsopvolgingsfaciliteiten zou opleveren.