J.H.P. DE JONG  - De fiscale kwalificatie van tijdelijke verhuur via Airbnb in de inkomstenbelasting: niet-beleggen of beleggen? - Circulaire

De fiscale kwalificatie van tijdelijke verhuur via Airbnb in de inkomstenbelasting: niet-beleggen of beleggen?

In deze masterscriptie wordt onderzoek gedaan naar de fiscale kwalificatie van tijdelijke verhuur via deeleconomie-platform Airbnb in de inkomstenbelasting ter vergroting van de rechtszekerheid voor belastingplichtigen. De open norm ‘meer dan normaal (actief) vermogensbeheer’ dient hierbij als maatstaf en moet invulling geven aan het onderscheid tussen de heffing van inkomstenbelasting in box 1 (niet-beleggen) dan wel in box 3 (beleggen). Hoewel de open norm veelvuldig in de jurisprudentie aan de orde komt en een aantal criteria heeft voortgebracht, ontbreekt een rode draad en geeft toetsing aan de criteria geen eenduidig antwoord op de vraag hoe verhuuropbrengsten verkregen via platform Airbnb kwalificeren voor de inkomstenbelasting. Ook kent Nederland geen specifieke belastingwetgeving welke ziet op inkomsten uit de deeleconomie. Particuliere aanbieders die op grootschalige wijze vastgoed aanbieden op platform Airbnb en arbeid verrichten welke overeenstemt met werkzaamheden in de traditionele hospitality branche treden mogelijk in concurrentie met deze traditionele marktpartijen, maar worden niet altijd hetzelfde in de belastingheffing betrokken.

In de politiek komt bovenstaande problematiek rondom Airbnb regelmatig aan de orde, maar vooralsnog zijn er geen nieuwe wetgevingsinitiatieven ontstaan welke hierop inhaken. Dit heeft als gevolg dat de rechtszekerheid voor Airbnb-verhuurders onvoldoende is gewaarborgd. Meer rechtszekerheid zou bewerkstelligd kunnen worden door het aanpassen dan wel het uitbreiden van de Wet op de Inkomstenbelasting 2001. Hiertoe zijn in dit onderzoek een drietal alternatieve voorstellen gedaan in het kader van verhuurinkomsten via Airbnb, namelijk een fictieve splitsing van arbeids- en kapitaalelementen, het invoeren van een concurrentie-criterium en tot slot een forfaitaire bepaling voor inkomsten uit de deeleconomie. Er wordt gepleit voor een uitbreiding van de Wet op de Inkomstenbelasting 2001 middels het opnemen van een forfaitaire bepaling welke ziet op de alsmaar groeiende deeleconomie.